You are here:
< Back

Binnen de i2Host centrale zijn er op verschillende plekken een aantal opties te gebruiken.

Deze zijn:

  • Ring
  • Play
  • IVR
  • Enqueue
  • Ring Group
  • Ring User
  • Ring VM
  • Exit
  • Forward
  • Run Script
bel1.png


Met de functie “Ring” (Bellen) kunnen één of meerdere extensies of een extern nummer gebeld worden, de toestellen die bij deze extensies horen gaan dan direct rinkelen. Er wordt geen rekening gehouden met eventuele omleidingen die bij het nummer horen.

U geeft op welke extentie of extern nummer gebeld dient te worden. Wanneer u meerdere interne extensies wilt laten bellen kunt u dit doen door deze komma gescheiden in te voeren (b.v. 21,22,23). Dit mogen ook externe nummers zijn.

Vervolgens geeft u bij timer op hoeveel seconden u de extensie wilt laten rinkelen.

Bij “Naam Oproeper” kunt u een melding mee geven die in het display van het toestel getoont wordt. Standaard wordt hier of de naam van de beller laten zien en anders het nummer van de persoon die belt.

bel2.png


De functie “Play” (Afspelen) wordt gebruikt om een opname die reeds in het systeem aanwezig is af te spelen. Nadat de opname afgespeeld is wordt de verbinding met de beller verbroken.

bel3.png


Functie “IVR” (Keuze menu) roept een vooraf aangemaakte keuze menu op waarmee de beller doorverbonden wordt.

bel4.png


Functie “Enqueue” (Wachtrij) zet de beller in de geselecteerde wachtrij. Deze wachtrij is vooraf geconfigureerd. Deze functie is alleen beschikbaar bij het configureren van nummer.

bel5.png


Met de functie “Ring Group” (Bel groep) kunt u een groep van gebruikers bellen. Wanneer een gebruiker meerdere extensies heeft worden al deze extensies van de gebruiker gebeld. U selecteert de juiste groep die vooraf is aangemaakt. Bij het laten bellen van de gebruikers van de groep kunt u kiezen uit 3 opties.

“Parallel” hier rinkelen alle toestellen binnen de groep tegelijk. Degene die als eerst oppakt krijgt de bellen te horen. “Sequential” (Sequentieel) hierbij worden de gebruikers binnen de groep één voor één gebeld. De volgorde wordt hierbij aan gehouden zoals de gebruikers in de groep zijn aan gemaakt.

“Sequential random” (Sequentieel willekeurig) hierbij worden de gebruikers willekeurig gebeld.

Bij de “Timer” geeft u het aantal seconden op dat u de groep wilt laten rinkelen. Wanneer u alle toestellen tegelijk laat rinkelen is deze waarde de totale tijd dat deze overgaat. Wanneer u de toestellen één voor één overlaat gaan is deze waarde de tijd dat een enkel toestel overgaat voor deze doorgaat naar een volgende.

Bij “Naam oproeper” kunt u een naam meegeven die de standaard meegegeven naam overschrijft, wanneer een beller van buitenkomt staat hier het telefoonnummer in. U kunt dit overschrijven door bijvoorbeeld “Hoofdnummer” in te vullen zodat de gebruiker weet waarvoor de beller belt.

Wanneer u nadat u de groep heeft laten overgaan en er niet opgenomen is nog een functie wilt laten uitvoeren maakt u gebruik van de “Terugval” mogelijkheid. Hierin kunt u een nieuwe functie selecteren die u wilt gebruiken.

bel6.png


U gebruikt de functie “Ring User” (Bel Gebruiker) wanneer u een gebruiker wilt laten rinkelen. Wanneer u deze functie gebruikt en de gebruiker heeft meerdere extensies dan gaan deze allemaal over.

Bij het laten bellen van de gebruikers van de groep kunt u kiezen uit 3 opties.

“Parallel” hier rinkelen alle toestellen van de gebruiker tegelijk. Degene die als eerst oppakt krijgt de bellen te horen.

“Sequential” (Sequentieel) hierbij worden de toestellen van de gebruiker één voor één gebeld. De volgorde wordt hierbij aan gehouden zoals de extensies zijn aan gemaakt.

Bij de “Timer” geeft u het aantal seconden op dat u de gebruiker wilt laten rinkelen. Wanneer u alle toestellen tegelijk laat rinkelen is deze waarde de totale tijd dat deze overgaat. Wanneer u de toestellen één voor één overlaat gaan is deze waarde de tijd dat een enkel toestel overgaat voor deze doorgaat naar een volgende.

Bij “Naam oproeper” kunt u een naam meegeven die de standaard meegegeven naam overschrijft, wanneer een beller van buitenkomt staat hier het telefoonnummer in. U kunt dit overschrijven door bijvoorbeeld “Hoofdnummer” in te vullen zodat de gebruiker weet waarvoor de beller belt.

bel7.png


De functie “Ring VM” (Bel VoiceMail) gebruikt u wanneer u de beller wilt laten uitkomen in een VoiceMail box van 1 van uw gebruikers binnen uw centrale. Elke gebruiker heeft de beschikking over een persoonlijke VoiceMail box.

In het veld Box vult u het nummer in van de extensie waar u de VoiceMail wilt laten uitkomen.

Bij het veld “Actie” geeft u op of de Voicemailbox uitgeluisterd wordt of dat er een nieuw gesprek moet worden op genomen. Typisch gebruikt u hier “Record”.

bel8.png


De functie “Exit” Wordt gebruik indien u het gesprek direct wil beëindigen.

bel9.png


De Functie “Forward” (Doorschakelen) wordt gebruikt om een gesprek door te zetten naar een anders nummer. Dit kan een intern nummer of een extern nummer zijn. De centrale voert dan de acties uit die bij dit nummer horen en kijkt niet meer naar de acties van het huidige nummer.

Bij “Bestemming” voert u een enkel nummer in.

“Naam oproeper” wordt niet gebruikt bij deze functie.

bel10.png


Functie “Run Script” (Gebruik Script) roept een vooraf aangemaakte script op waarmee de beller wordt doorverbonden.